De vacht en de vachtverzorging

Hoe verzorg je nu de vacht van een briard, ik liep telkens weer tegen problemen op, tot ik de site van Monique Jansen las, van du Lions d'Orange, Ik heb een groot deel van haar tips en trics hieronder overgenomen, aangevuld met produkten die ik gebruik en goed werken.

Een volwassen vacht bestaat volgens de standaard uit een stevige bovenvacht, als van een geit, met weinig onderwol. De bovenvacht van de briard kent een zogenaamde mozaïek-verharing . Daarbij worden de haren afzonderlijk haar voor haar afgestoten om vervangen te worden door de nieuw doorkomende haren. De ondervacht zal,volgens de boekjes, in z’n geheel in enkele weken tijd verwisseld worden voor een nieuwe (blok-rui). Dit proces wordt in gang gezet door het korter (herfst) of langer (lente) worden van de dagen ofwel is afhankelijk van het aantal zonuren. In de rui gaan de nieuwe haren groeien die dan de oude haren proberen weg te duwen. Een langharige hond zoals de briard zult u een handje moeten helpen met het wisselen van zijn vacht door hem te delen en te kammen. Omdat het ruien ook jeuk veroorzaakt, zal de hond zich gaan krabben, dus zult u extra bedacht moeten zijn op het onstaan van klitten. Als de haren nat worden, zuigen ze in meerdere of mindere mate het vocht op, afhankelijk van hoe poreus de vacht is. Als de haren daarna opdrogen, krimpen ze weer. Als de haarschubben niet goed bedekt zijn en dus een soort van weerhaakjes vormen, zullen zij hierbij in elkaar grijpen. Klitten dus!

 Als de vacht eenmaal gaat klitten kan het algauw gaan vervilten en zal de nieuwe vacht verstikken o.a. door de dode haren die nog in de haarwortels zitten. Dode haren hebben geen sluitend glazuurlaagje meer en worden ook niet "gesmeerd"door talg. Je kunt het ook zien want de vacht is dof en de kleur vaal.

Vooral bij de fauve briards is de evolutie van de vacht goed te zien. Zo rond de eerste loopsheid, ergens tussen de twaalf en achttien maanden, zie je de vachtkleur van de teefjes veranderen van de gewenste warme, donker fauve kleur naar het ongewenste blond. Meestal volgen de reuen een paar maanden later. De briards wordt met recht ook wel "toverballen"genoemd! Sommige briards krijgen zelfs de kleur van stopverf, terwijl anderen slechts enkele tinten lichter worden. Het lijkt erop dat dit ontkleuren van de vacht in gang gezet wordt o.i.v. hormonen. Pas tegen het derde of zelfs vierde jaar zal de briard zijn volwassen vacht hebben. In de tussentijd zie je ook qua vachtstruktuur de nodige veranderingen ontstaan. De wollige, zachte jeugdvacht zal plaatsmaken voor een hardere "tussenvacht". En als dan de volwassen vacht eenmaal verschijnt, lijkt deze weer iets gladder van struktuur te zijn. En dus ook glanzender, mede door de diepere kleur die weer terug is. Tijdens deze vachtwisselingen zul je weer extra attent moeten zijn op het onstaan van klitten. Terwijl een gezonde, volwassen vacht met een beetje handigheid misschien één uurtje onderhoud per week vergt, zal de jeugdvacht tijdelijk misschien wel dagelijks geborsteld en gekamd dienen te worden. Omdat de haarschubben van dode haren open staan, doordat deze niet meer voorzien worden van talg,grijpen deze eerder in elkaar. Daarbij is een lichtergekleurde vacht vaak wat poreuzer. Het glazuurlaagje is wat dunner,de haren daardoor wat minder glad en stijf en daardoor wat buigzamer. Dus klitgevoeliger! Maar natuurlijk is de kleur niet het enige bepalende voor de kwaliteit van de vacht. Erfelijkheid speelt hierin een grote rol, en voeding, omgevingsfactoren en de manier van borstelen zijn ook zeer belangrijk. Het is voor fokkers steeds belangrijk ouderdieren te selekteren met goede vachtstrukturen.

De voeding is ook erg bepalend voor de vachtkwaliteit. Deze is natuurlijk verantwoordelijk voor de algehele gezondheid van de hond. Het gezegde luidt dan ook: "De vacht is de spiegel van de gezondheid". Het is frappant om te zien hoe snel de vachtkleur en glans kunnen wegtrekken als de hond opeens in mindere conditie verkeert. Kijk bijvoorbeeld maar naar een teefje dat net een nest heeft gehad. Ook is dit weer een voorbeeld van een wisselende hormoonspiegel die zijn invloed heeft op de vacht. Na +/- twaalf weken zal het teefje haar vacht "eruit gooien". Ook kunnen stresshormonen overigens verantwoordelijk zijn voor een plotselinge schrikrui. Dit kan bijvoorbeeld handig zijn als de hond wordt vastgegrepen, z’n tegenstander heeft vervolgens niet meer dan een hap met haren in zijn bek! De voeding vooral bij de lange vacht als van de briard, van goede kwaliteit moeten zijn. Eerst zullen de vitale organen gevoed worden, voordat de huid en daarna ook vacht aan bod komen. Voedingen van mindere kwaliteit hebben vaak een hoger eiwitgehalte, wat een goedkope energieleverancier is. Maar voor een gezonde vacht is een voeding met voldoende kwalitatief hoogwaardige vetten vereist (b.v. Hill's Science Plan). Vanuit een gezonde huid kan er dan o.a. voldoende talg geleverd worden die die lange briardharen kan smeren. En die verdeling van dat talg vindt dan weer plaats o.a. door het borstelen. Dat borstelen, daar valt natuurlijk ook weer het een en ander over te zeggen. Je kunt de beste kamhulpen gebruiken die er te koop zijn, maar deze zullen het natuurlijke talg niet snel kunnen vervangen. Een goede borstelspray heeft wel zijn voordelen. Het gebruik hiervan is goede manier om de haren extra glad te maken waardoor deze makkelijker uit elkaar glijden waardoor de vacht minder snel zal beschadigen tijdens het borstelen. Ook de kwaliteit van de gebruikte borstel en de kam zijn bepalend voor het al dan niet beschadigen van de vacht tijdens het borstelen.Een varkensharen borstel, waarbij stevige haarbosjes wijd uiteen zijn ingeplant is een goede keus. De Mason Pearson haarborstel van puur varkenshaar is zo ongeveer de Mercedes onder de borstels. Daarmee kun je goed mee dóór de vacht komen, i.p.v. er overheen te borstelen. Of de Les Pooshes rood en goud voor lange vacht. Het is juist de bedoeling om de vacht te borstelen tot op de huid, maar dan zonder iets te forceren. Om dit te bereiken spray je eerst de gehele vacht lichtjes in met de vacht- of borstelspray. Bijvoorbeeld de oliespray van het merk Jean Pierre Héry of Ingenya spray zijn erg goed.  Let wel op met de oliespray: vlak voor een show is het beter deze tijdelijk niet te gebruiken omdat deze de vacht te zacht en te vettig zal maken! Tijdens het dagelijks, ofwel wekelijks gebruik zal de vacht, die van nature vrij "droog"moet zijn, de vetten van de spray in enkele dagen opnemen. Na het sprayen, bostel je eerst heel lichtjes de hele vacht rondom door. De hond staat hierbij op een trimtafel met stroef oppervlak. Je begint bij de haarpunten en gaat zo, de borstel losjes vasthoudend, van onder naar boven waarbij de spray over de vacht verdeeld wordt. Daarna kun je de hond eventueel op zijn zij laten liggen en dan begint het intensivere borstelwerk, waarbij je steeds van onder naar boven werkend, ofwel met de haargroei mee, kleine laagjes van de haarpunt naar de huid toe, stevig doorborsteld. Met je ene hand hou je de haren en de huid tegen. Met je andere hand trek je met de borstel steeds scheidingen door kleine beetjes haar onder je andere hand vandaan te borstelen. Pas waneer je de nieuwe pluk helemaal hebt uitgeborsteld begin je aan het volgende laagje. En hoe kleiner de plukjes zijn en hoe steviger je de huid tegenhoudt, hoe makkelijker het zal gaan. En hoe minder erg de hond het zal vinden. Als je op deze manier de hele vacht doorgewerkt hebt, neem je een hele grove kam en kam je je hele hond nog eens op dezelfde wijze door. Kom je toch nog een klit tegen, dan ga je een klein stukje terug naar waar je gebleven was totdat je de klit tegenkwam. Je kunt de klit nog eens afzonderlijk insprayen en eventueel kun je deze met je vingers openscheuren of uitpluizen. Daarna met de punt van je kam beginnen net zolang totdat je met de kam helemaal door de vacht heen kunt glijden, daarbij voorzichtig de vormen van het lichaam volgend. Als je je hond net hebt ingeschreven voor een hondenshow kun je het beste proberen niet te veel haren uit de vacht te kammen, er van uit gaande dat er geen overdadige ondervacht aanwezig is. Anders is het juist beter de vacht te "ontwollen". Dat wil zeggen dat alle overtollige onderwol wordt weggekamd, zodat de contouren van de hond weer zichtbaar zullen zijn. Hiervoor volg je dezelfde procedure als hierboven beschreven.Alleen hou je de kam dan wat schuin, waardoor je de haren klem zet en het teveel aan onderwol er min of meer uit trekt. Daarbij houd je huid goed tegen en zorg dat er geen klitten meer aanwezig zijn. Zorg dat je de hond geen pijn doet door ruw te worden! Het is uiteraard van groot belang dat de hond tijdens deze borstelbehandelingen goed stil staat en/of ligt en daarvoor is vertrouwen en overgave nodig.  

Uiteraard is het bij de echt zware gevallen niet meer voldoende om alleen haren borstel en gewone kam te gebruiken. Wel heel veel borstelpray die ik dan enige tijd in laat trekken. In deze gevallen kan een klittenkam gebruikt worden, die de haren doorsnijdt. Het gebruik van scherpe voorwerpen als de klittenkam is normaal geproken uit den boze omdat je hiermee de vacht altijd beschadigd. Ook de zogenaamde universeelborstel is ten sterkste af te raden. De haren kunnen hierdoor afbreken, en de vacht in z’n geheel komt er dan rafelig uit te zien, als sisaltouw. Bij een geheel vervilte vacht is zoiets echter even van ondergeschikt belang. Het grootste gedeelte van zo’n verwaarloosde vacht is verstikt. Deze dode haren kun je dan gelukkig wel weer relatief makkelijk er uit kammen.

Borstelen moet je niet zien als middel om klitten uit te borstelen maar om het ontstaan van klitten te voorkomen. Lukt het je zelf niet, wacht dan niet te lang maar maak een afspraak met een hondentrimsalon!

Bron: Monique Jansen. http://briards.moniquejansen.eu/pagina_t-w/vachtverzorging_briard.htm




Briard, Puck Evita le Berger de la Ruche | Deze site is gratis gemaakt met Webklik.nl